Ga naar de inhoud

Ben jij al Donor? Ja - Nee

Afbeelding voor tijelijke vulling

Overlevingscurves

Hoe succesvol zijn orgaantransplantaties op de langere termijn? De zogenoemde transplantaatoverlevingscurves (Kaplan Meier-curves) geven weer hoeveel procent van de getransplanteerde organen drie of vijf jaar na transplantatie nog goed functioneert. De grafieken zijn gebaseerd op de gegevens uit de Nederlandse Orgaantransplantatieregistratie (NOTR). De NOTR registreert follow-upgegevens van nier-, pancreas-, lever-, hart-, long- en corneatransplantaties en van levende nierdonoren in Nederland. 

Overlevingscurve nier

De verticale as geeft het percentage organen weer dat functioneert na transplantatie. De horizontale as geeft de tijd in jaren aan, gemeten vanaf de dag waarop de transplantatie plaats heeft gevonden. De gegevens zijn exclusief de gecombineerde transplantaties en gecorrigeerd voor overledenen met functionerend transplantaat.

De grafiek toont het verschil tussen overleving van een getransplanteerde nier na donatie bij leven (de bovenste lijn in onderstaande grafiek) in vergelijking met een nier na postmortale donatie (de onderste lijn in onderstaande grafiek). Na 5 jaar functioneert gemiddeld 92 procent van de transplantaten afkomstig van levende donoren en 83 procent van de transplantaten van overleden donoren.

Nier: deze grafiek laat het verschil zien tussen overleving van een getransplanteerde nier na donatie bij leven in vergelijking met een nier na postmortale donatie. Na 5 jaar functioneert nog 92 procent van de transplantaten afkomstig van levende donoren en 83 procent van de transplantaten van overleden donoren.

Overlevingscurve lever

De verticale as geeft het percentage organen weer dat functioneert na transplantatie. De horizontale as geeft de tijd in jaren aan, gemeten vanaf de dag waarop de transplantatie plaats heeft gevonden. De gegevens zijn exclusief de gecombineerde transplantaties en gecorrigeerd voor overledenen met functionerend transplantaat.

De grafiek toont dat in de eerste weken na transplantatie van de lever gemiddeld circa 10 procent van de transplantaten ophoudt met functioneren. Daarna volgt een veel geleidelijkere afname van de overlevingskans. Na 5 jaar functioneert gemiddeld 76 procent van de levertransplantaten.

Lever: deze grafiek laat zien dat 5 jaar na de transplantatie 76 procent van de transplantaten functioneert.

Overlevingscurve pancreas

De verticale as geeft het percentage organen weer dat functioneert na transplantatie. De horizontale as geeft de tijd in jaren aan, gemeten vanaf de dag waarop de transplantatie plaats heeft gevonden. De gegevens zijn exclusief de gecombineerde transplantaties en gecorrigeerd voor overledenen met functionerend transplantaat.

De grafiek laat zien dat 5 jaar na de pancreastransplantatie gemiddeld 80 procent van de transplantaten functioneert.

Pancreas: deze grafiek laat zien dat 5 jaar na de transplantatie 80 procent van de transplantaten functioneert.

Overlevingscurve hart

De verticale as geeft het percentage organen weer dat functioneert na transplantatie. De horizontale as geeft de tijd in jaren aan, gemeten vanaf de dag waarop de transplantatie plaats heeft gevonden. De gegevens zijn exclusief de gecombineerde transplantaties en gecorrigeerd voor overledenen met functionerend transplantaat.

De grafiek toont dat direct na een harttransplantatie circa 10 procent van de transplantaten ophoudt met functioneren. Daarna volgt een veel geleidelijkere afname van de overlevingskans. Gemiddeld functioneert 5 jaar na harttransplantatie 78 procent van de transplantaten.

Hart: deze grafiek laat zien dat 5 jaar na de transplantatie 78 procent van de transplantaten functioneert.

Overlevingscurve long

De verticale as geeft het percentage organen weer dat functioneert na transplantatie. De horizontale as geeft de tijd in jaren aan, gemeten vanaf de dag waarop de transplantatie plaats heeft gevonden. De gegevens zijn exclusief de gecombineerde transplantaties en gecorrigeerd voor overledenen met functionerend transplantaat.

Deze grafiek laat zien dat 5 jaar na de transplantatie gemiddeld 68 procent van de getransplanteerde longen nog functioneert.

Long: deze grafiek laat zien dat 5 jaar na de transplantatie 68 procent van de transplantaten functioneert.

Wat betekent dit voor een individuele patiënt?

Het percentage functionerende organen drie of vijf jaar na transplantatie geldt voor een patiëntengroep in het algemeen. De kans van slagen van een individuele transplantatie kan dus hoger of lager uitvallen dan het groepsgemiddelde. Die individuele kans is namelijk afhankelijk van extra factoren zoals de leeftijd van de patiënt en diens staat van gezondheid voor de transplantatie. Daarnaast zijn weefselovereenkomsten tussen donor en patiënt en donorgerelateerde variabelen (zoals leeftijd en type donor) van invloed. De behandelend arts kan meer informatie geven over de individuele kans van slagen.

Praat met je arts

Patiënten adviseren we om hun arts om hulp te vragen bij het interpreteren van de grafieken. Een arts kan hulp bieden om de gegevens beter te begrijpen. Daarnaast kan een arts verklaren hoe andere factoren de gegevens beïnvloeden en of ze op de specifieke situatie van de patiënt van toepassing zijn.