Ga naar de inhoud

Ben jij al Donor? Ja - Nee

Afbeelding voor tijelijke vulling

‘You should be proud of your fantastic organization’

Zweedse transplantatiecoördinatoren brachten onlangs een bezoek aan Nederland. Ze keken mee in de regio Noord en kwamen op bezoek in Leiden. Bij de NTS en Eurotransplant kregen ze informatie over de organisatie van donatie in Nederland. Maar hoe is het in Zweden eigenlijk georganiseerd? Christina Andréasson vertelt erover.

universiteit karolinska
universiteit karolinska

Zweedse transplantatiecoördinatoren brachten onlangs een bezoek aan Nederland. Ze keken mee in de regio Noord en kwamen op bezoek in Leiden. Bij de NTS en Eurotransplant kregen ze informatie over de organisatie van donatie in Nederland. Maar hoe is het in Zweden eigenlijk georganiseerd? Christina Andréasson vertelt erover. ‘Eigenlijk verschilt de situatie in Zweden en andere noordelijke landen niet zoveel van die van Nederland,’ vertelt Christina. ‘Maar er zijn wel verschillen, bijvoorbeeld dat we in Zweden nog geen DCD (non-heartbeating donatie) hebben.’ 

Non-heart beating

DCD is een vorm van donatie waarbij organen gedoneerd worden nadat de bloedcirculatie tot stilstand is gekomen doordat de patiënt hartdood is. De Zweedse vertelt dat er in haar land geen organisatie is zoals Eurotransplant voor bijvoorbeeld de toewijzing van donororganen aan patiënten op de wachtlijst. ‘De transplantatiecoördinatoren bij ons doen de toewijzing volgens vaste richtlijnen. De organisatie Scandiatransplant controleert of we de regels juist toepassen.’ Voor weefseldonatie is in Zweden geen centrale organisatie. De weefselbanken moeten dit zelf organiseren. Daarvoor werken ze samen met de ziekenhuizen.

Donorweek

Christina is aangenaam verrast door de inspanningen die Nederland doet om orgaan- en weefseldonatie zo goed mogelijk te laten verlopen en te promoten. ‘Alle activiteiten onder één dak: weefseldonatie, informatie, scholing, campagnes, enz. En de online lesmodules voor het basisonderwijs vind ik erg mooi. In Zweden hebben we alleen educatief materiaal voor oudere leerlingen, vanaf ongeveer 15 jaar.  ' You should be proud of your fantastic organization concerning organ and tissue donation’. Oktober is ook in Zweden de maand waarin jaarlijks de Donorweek plaatsvindt. In het hele land organiseren de ziekenhuizen dan activiteiten om orgaan- en weefseldonatie onder de aandacht te brengen. Met net als in Nederland het doel om mensen te helpen een besluit te nemen over donatie en om hun besluit vast te leggen.

Bespreek het onderwerp met elkaar 

De bevolking in Zweden is volgens Christina erg positief over orgaandonatie. ‘Als we kijken naar de Eurobarometer van de Raad van Europa uit juni 2009, zien we dat 83 procent van de Zweden na hun dood hun organen willen doneren. Ter vergelijking: het Europese gemiddelde is 55 procent. Helaas moet ik erbij zeggen dat veel mensen weliswaar een positieve houding hebben, maar dat ze dit niet kenbaar hebben gemaakt. Het is heel belangrijk dat ze het met familie bespreken en dat ze vastleggen dat ze willen doneren na overlijden.’ Net als in Nederland, zijn er in Zweden meer orgaandonoren nodig om de wachtlijsten te laten afnemen. Om meer orgaandonoren te krijgen, is het in eerste instantie belangrijk dat zowel de bevolking als de medische professionals doordrongen zijn van de noodzaak om te doneren. Iedereen zou daarover een beslissing moeten nemen tijdens zijn leven en die keuze moeten delen met zijn familie. Helaas denk ik dat we nooit alle wachtlijstpatiënten kunnen helpen met een donororgaan. Dus we moeten ook andere mogelijkheden blijven onderzoeken en ontwikkelen om deze patiënten te helpen,’ aldus Christina.

Organisatie ziekenhuizen

Het Nederlandse Masterplan Orgaandonatie is een samenhangend plan om te komen tot meer transplantaties. Onder andere door scholing voor medische professionals en door de organisatie in de ziekenhuizen verder te verbeteren. Het lijkt erop dat deze aanpak z’n vruchten begint af te werpen, gezien de stijging van het aantal donoren en transplantaties. In Zweden is een vergelijkbare ontwikkeling te zien. Sinds 2005 moet ieder ziekenhuis met een intensive-care-afdeling een arts en een verpleegkundige aanwijzen die orgaandonatie als speciaal aandachtspunt heeft. Deze aangewezen professionals zijn verantwoordelijk voor de opzet van donatieprocedures en voor de herkenning van potentiële donoren. Andréasson zegt hierover: ‘Langzaamaan groeit deze organisatie en wordt ze sterker. Hopelijk worden ook in Zweden de resultaten snel merkbaar.’

Communicatie rond donatie

Hoe stel je als arts de donatievraag aan familie van een potentiële donor? Een vraag die ook de artsen in Zweden bezighoudt. In Nederland hebben we de training Communicatie rond Donatie, iets vergelijkbaars is er voor de verpleegkundigen en artsen van de IC’s in Zweden. Twintig jaar geleden begonnen de Zweden met een praktische training waarbij de betrokken IC-professionals met acteurs oefenen hoe ze het donatiegesprek kunnen voeren. ‘In sommige ziekenhuizen is het verplicht voor alle verpleegkundigen en artsen op de IC om de training te doen. En in Stockholm hebben ze speciaal getrainde verpleegkundigen die bij ieder gesprek met de familie aanwezig zijn,’ aldus Christina. ‘Daarnaast is er voor alle families nazorg door medewerkers van de intensive care. Dit biedt familieleden de mogelijkheid om vragen te stellen en om te horen of transplantaties met de organen van hun overleden dierbare geslaagd zijn.’ De transplantatiecoördinatoren in Zweden zijn onlangs ook gestart met het versturen van condoleancekaarten naar de familie van de donor. Dit doen ze een paar weken na de donatie. Op de kaart staan ook de contactgegevens van de transplantatiecoördinator. De bedoeling is dat de nabestaanden de kaart bewaren en gemakkelijk in contact kunnen treden met de coördinator als ze vragen hebben. Voor beide zijden, zowel de Zweedse als de Nederlandse was het bezoek leerzaam, en het bood inspiratie en nieuwe ideeen waar we mee aan de slag kunnen gaan.