Ga naar de inhoud

Ben jij al Donor? Ja - Nee

Afbeelding voor tijelijke vulling

Onder nefrologen

Op de afdeling Inwendige geneeskunde van het Erasmus MC zijn veranderingen gaande. Per 1 september 2012 was er een wisseling van de wacht in de leiding van de sectoren nefrologie en transplantatie. Tijd voor een gesprek over toekomstplannen met nefroloog Willem Weimar en zijn opvolger Michiel Betjes. Nefroloog Andries Hoitsma uit het UMC St Radboud leidt het gesprek via de telefoon.

Hoewel Weimar de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt, stopt hij niet met werken. Hoitsma vraagt zich af hoe hij dat voor elkaar gekregen heeft, ‘De meesten worden toch gedwongen om het werkende leven te verlaten als ze 65 worden?’ ‘Ik heb keurig een verzoek gedaan naar het afdelingshoofd en de Raad van Bestuur of ik nog wat langer kon blijven. En toen zeiden ze: ’Graag.’ ‘En je vrouw Lous, wat vindt zij ervan?’ ‘Die vindt dit een keurige oplossing, ik mocht haar thuis niet op de vingers komen kijken,’ aldus Weimar. Dat hij opa wordt, is voor hem ook geen belemmering om fulltime te blijven werken. Collega Michiel Betjes zegt daarover dat hij verwacht dat dat nog wel verandert. 

Eén geoliede machine

Wat vele vakcollega’s zich afvragen, is of door de wisseling in de leiding van de sector het roer om gaat in Rotterdam. ‘Ik denk het wel. Het zou toch heel vervelend zijn als er iemand anders aan het roer komt en dat die gewoon niks doet. Het zou mij verbazen als er niets verandert,’aldus Weimar. Betjes beaamt dat er dingen gaan wijzigen. ‘Maar niet op de korte termijn. De belangrijkste verandering die er nu is, gaat over de organisatie. Mijn eerste taak zal worden om de integratie van de sectoren nefrologie en transplantatie tot stand te brengen, zowel qua management, als qua personeel, onderzoek, onderwijs en kliniek. Zodat we weer één geoliede machine worden,’ zegt het nieuwe sectorhoofd. ‘Daarnaast zal ik op de meer middellange termijn ook de transplantatie specifiek vorm gaan geven naar mijn ideeën.’

Loslaten

In de nieuwe organisatie is Willem Weimar staflid van de sector Nefrologie en transplantatie en blijft hij aan als hoogleraar. Weimar geeft aan dat het wel even wennen is om een deel van zijn taken los te laten. ‘Maar ik vind het wel prima. Een hoop dingen die eigenlijk een beetje een ‘pain in the ass’ zijn, zoals budgetten, formatie en gekissebis tussen mensen, mag Michiel nu oplossen. Zelf blijf ik voor een groot deel bezig met onderzoek, ik heb nog 8 of 9 mensen die promotieonderzoek bij me doen. Ook blijf ik de voorbereidingen doen voor de verschillende programma’s voor levende donatie die we hier hebben. Maar de eindverantwoordelijkheid in de kliniek ligt bij Michiel.’ Zijn conclusie: ‘Voldoende werk, maar niet zoveel dat ik ’s avonds nog van de televisie word weggehouden. Ik heb gisteren twee voetbalwedstrijden moeten zien.’ Betjes: ‘En ik kan dus nu geen voetbal meer zien.’

Integratie

Andries Hoitsma is als nefroloog verbonden aan het UMC St Radboud, waar al een geïntegreerde afdeling nefrologie en transplantatie is. De werkzaamheden in het UMC St Radboud zijn ook geïntegreerd: ‘Een transplantatiedokter bestaat niet, die doet ook dialyse en omgekeerd,’ aldus Hoitsma. Hij vraagt zich af hoe Betjes dat binnen zijn sector gaat doen. Die laat weten dat hij niet ineens van iedereen gaat vragen om te veranderen. ‘Het is niet dogma dat nu opeens iedereen alles moet gaan doen. Het zou een soort corvee worden als je dingen moet gaan doen waar je hart niet ligt. Dat is niet de bedoeling. Het moet een functionele organisatie zijn die goed werk levert. Hoe dat tot stand komt, moeten we in de toekomst nog gaan bekijken.’

Onderzoek

Op het lab blijft Willem Weimar de dingen die onder zijn leiding zijn opgestart aansturen. Datgene wat nieuw wordt opgestart, komt onder aansturing van Betjes te vallen. Betjes wil  tot een programma komen om het laboratorium en de kliniek stevig met elkaar te verbinden. ‘De kracht van het lab in Rotterdam zoals het nu is, is dat het duidelijk klinisch geënt is. Het translationele onderzoek bijvoorbeeld moet doorgaan. Ik wil speerpunten benoemen, zoals bijvoorbeeld het verder ontwikkelen van celtherapie. Alles gedacht vanuit de kliniek: welke patiënten zouden hier baat bij kunnen hebben.’ Hij benadrukt dat het lab groot en sterk genoeg is om er meerdere lijnen naast elkaar te laten lopen. De succesvolle dingen die al lopen, worden dan ook gewoon voortgezet. ‘Dus bijvoorbeeld het translationele onderzoek naar hoe medicijnen inwerken op het immuunsysteem voor en na transplantatie, blijft lopen,’ aldus Betjes. ‘Ik kan nog wel een paar dingen noemen,’ vult Weimar aan, ‘We hebben bijvoorbeeld ook een grote poot die psychosociaal onderzoek doet, ELPAT-gerichte zaken, daar geldt eigenlijk hetzelfde voor.’

Geen zorgen

Met enige voorzichtigheid stelt Hoitsma zijn volgende vraag: ‘Michiel, niet om jou te kleineren of onderschatten ofzo, maar van transplantatie en zeker van het psychosociale onderzoek, daar weet jij misschien toch niet zo heel veel van af?’ ‘Dat is zeker een uitdagende vraag,’ lacht Betjes, ‘Psychosociaal heeft nooit zo mijn belangrijkste aandacht gekregen. Het is echt een poot die door Willem is opgezet. Daar groei ik nu in. Ik vind het belangrijk wat daar gebeurt, het is een hele waardevolle en interessante uitbreiding van het transplantatieprogramma. En over transplantatie, ik heb altijd een ruime belangstelling gehad voor transplantatie. Ik denk dat ik een van de weinige nefrologen in Nederland ben die een zeer uitgebreide kennis heeft over immunologie en die daar ook al jaren onderzoek naar doet.’

‘We hoeven ons als transplantatie Nederland dus geen zorgen te maken dat het in Rotterdam niet goed komt,’concludeert Hoitsma. ‘Maar,’ gaat hij verder, ‘heel nefrologisch Nederland denkt nu natuurlijk ‘dat is allemaal goed en met visie opgezet, maar gaat het werken met die twee? Vliegen die elkaar niet onmiddellijk in de haren?’

Wittebroodsweken

Zoals ze zelf zeggen, zitten Betjes en Weimar nog in de wittebroodsweken van hun relatie. ‘Het gaat goed tot nu toe en ik heb het volle vertrouwen dat het ook goed blijft gaan. Het vergt natuurlijk wel van beide kanten een inspanning om het uiteindelijke doel te bereiken. Dat doel is dat we allebei vinden dat Rotterdam een heel belangrijk en groot centrum is en dat het doodzonde zou zijn als wij dat met een intern conflict om zeep zouden helpen. Ik kan veel leren van Willem en hij kan misschien ook nog wat leren van mij,’ vindt Betjes.

Groei

De organisatie in Rotterdam wordt dus verstevigd, de beide sectoren nefrologie en transplantatie worden samengevoegd. Hoitsma: ‘Ik neem aan dat jullie als heel praktisch doel hebben om het aantal transplantaties, dit jaar ongeveer 220, zo te houden?’ Als uit één mond beamen Weimar en Betjes dit. ‘Misschien willen we het nog wel wat laten groeien,’ verklapt Betjes. ‘De Raad van Bestuur vindt het goed dat er zo’n groot transplantatieprogramma is en ook blijft bestaan in een academische omgeving. Dat vind ik ook. Mijn algemene visie is dat de nefrologie in Nederland zo groot en zo sterk mogelijk moet zijn.

Willem Weimar is staflid van de sector Nefrologie en transplantatie en hoogleraar inwendige geneeskunde, in het bijzonder nefrologie en transplantatie. Michiel Betjes is internist-nefroloog en hoofd van de sector Nefrologie en transplantatie.
Andries Hoitsma neemt deze week afscheid als staflid van de afdeling Nierziekten, was verantwoordelijk voor het niertransplantatieprogramma van het UMC St Radboud en hij was 5 jaar bijzonder hoogleraar orgaantransplantatie en -donatie aan de Nijmeegse Radboud Universiteit.