Wie ontvangt een weefsel?
In de Wet op de orgaandonatie is vastgelegd hoe het orgaancentrum van de NTS een ontvanger mag aanwijzen voor een donorweefsel. De selectie mag alleen plaatsvinden op basis van een aantal vastgestelde (medische) criteria. Deze zijn onder andere:
- overeenkomst in weefselkenmerken van de donor en de ontvanger
- als er twee ‘gelijkwaardige’ patiënten op de wachtlijst staan, dan gaat het weefsel naar de patiënt die het langst op de wachtlijst staat.
Praktische aspecten zoals afstand, beschikbare tijd en mogelijkheden voor transplantatie kunnen een rol spelen bij de toewijzing van een weefsel.
Overeenkomst in weefselkenmerken
Ieder mens heeft andere weefselkenmerken, oftewel transplantatie-antigenen. In de medische wetenschap wordt dit het HLA-systeem genoemd (Human Leucocyte Antigens). Dit systeem is verantwoordelijk voor de afstotingsverschijnselen en is erfelijk bepaald. Hoe slechter de HLA-overeenkomst tussen donor en ontvanger, hoe sterker de afstotingsverschijnselen na een transplantatie kunnen zijn. Dit speelt alleen een rol bij een hoornvliestransplantatie.
Deze site heeft het Waarmerk Drempelvrij