Ga naar de inhoud

registreer je direct donorregister.nl

Als kauwgom onder mijn schoen geplakt

Djuna MaesDjuna Maes, ontvanger van donorlongen

Een paar weken geleden werkte ik mee aan een item voor Linda TV over orgaandonatie. Op een bepaald moment vroeg de interviewer hoe ik ermee omging, met de wetenschap dat ik ongeneselijk ziek ben en een beperkte levensverwachting heb. En eerlijk waar, ik viel bijna van mijn stoel, zo hard schrok ik van die vraag! 

Natuurlijk weet ik dat getransplanteerde longen op een bepaald moment minder goed kunnen gaan functioneren, maar eigenlijk sta ik er al lang niet meer bij stil dat ik in verlengde tijd leef. 
Of toch wel?

De weken na het interview heb ik er vaak over nagedacht: hoe ga ik eigenlijk om met de dood? Ga ik er eigenlijk wel mee om?
Intussen heb ik het antwoord gevonden.

Voordat ik op de wachtlijst kwam, heb ik van het transplantatieteam goede voorlichting gekregen. Eerlijke, duidelijke voorlichting: ‘er zijn geen garanties en er kan van alles misgaan. Zowel voor, tijdens als na de operatie, maar als het goed gaat, dan krijg je een leven vol lucht en energie’. 

Op dat moment kreeg ik vierentwintig uur per dag zuurstof toegediend via een neusbrilletje, lag ik om de haverklap voor een aantal weken in het ziekenhuis en kon ik geen 10 meter lopen zonder volledig buiten adem te zijn. Het aanbod van de artsen voor een transplantatie klonk mij als muziek in de oren! Ik tekende het toestemmingsformulier haast met mijn ogen dicht en zonder te knipperen.

Immers, wat had ik te verliezen?

Na de transplantatie, toen ik te maken kreeg met chronische afstoting, legde ik me, in het licht van de afwezige garanties, dan ook vrij snel neer bij mijn lot: ik had een aantal geweldige maanden gekregen en nu zou het afgelopen zijn. Precies zoals ze me hadden voorgehouden aan het begin van het traject.

Maar het liep anders: ik mocht nog een keer op de wachtlijst en we weten allemaal hoe het sindsdien is gegaan: ik kreeg prachtlongen die mij voortblazen als een wervelstorm en me werkelijk ‘wind mee’ geven.
En sindsdien is alles anders.

Het urgente gevoel dat ik vóór de transplantatie had, om zoveel mogelijk te doen voordat het te laat was, is langzaam weggeëbd en met elke dag dat ik gezond opsta, groeit mijn toekomstperspectief.

Toen de interviewer naar mijn sterfelijkheid vroeg, was ik niet ontdaan omdat ik bang ben voor de dood, nee, ik was geschokt omdat… ik het was vergeten!

Deze week gaf ik bedrijfstraining aan medewerkers die bijna met pensioen gaan. Een van de onderdelen was een wandeling in het bos waarbij de deelnemers werden gevraagd om naar het verleden te kijken en naar de toekomst. Sommigen keken uit naar de vrijheid die ze zouden gaan krijgen, anderen zagen daar juist tegenop: ‘Maar hoe kan je plannen maken, als je niet weet hoe lang je nog hebt in goede gezondheid?’, vroeg iemand zich af.

En hoewel niemand het van mij verwachtte of het zelfs maar aan mij kon zien, als kwieke twintiger tussen een groep 65+-ers, begreep ik stiekem heel goed wat deze deelnemer bedoelde. En ineens, terwijl we de kou trotseerden in dat bos, wist ik het antwoord dat ik toen bij Linda TV niet had kunnen antwoorden:

Ik leef met het gevoel dat ik het eindeloze leven heb, maar tegelijkertijd zit het besef dat het zo voorbij kan zijn, als een kauwgommetje onder mijn schoen geplakt:
Met elke stap die ik zet, voel ik dat ik leef en hoe bijzonder dat is.
Met elke stap die ik zet, weet ik wat mij is gegeven.

Dat stukje kauwgom doet mij beseffen wat een ruimte ik kreeg en vertraagt, soms zelfs letterlijk, mijn handelen: ik kreeg tijd én de tijd om bij dat geschenk stil te staan.

Wat dat betreft heb ik wellicht geen cursus nodig als ik over 40 jaar de pensioengerechtigde leeftijd bereik. Hoewel, een cursus ‘omgaan met financiën’ kan dan misschien geen kwaad.

Want alle kauwgom onder mijn schoen ten spijt: voor pensioensparen heb ik nog geen tijd! 

‘The only reason for time
Is so that everyting doesn’t happen at once’ – Einstein