Ga naar de inhoud

registreer je direct donorregister.nl

Hoe bijzonder bestaan is

Djuna MaesDjuna Maes, ontvanger van donorlongen

Elke dag besef ik het een beetje meer:

Hoeveel geluk ik heb,
Om er te zijn.

Om gewoon te bestaan. Hoe geweldig dat is.

Je zou denken dat, naarmate de tijd na transplantatie verstrijkt, een mens het steeds normaler gaat vinden om met nieuwe longen een gezond leven te lijden.
En in zekere zin is dat ook zo.

Het is voor mij normaal geworden dat ik eindeloos kan douchen zonder te moeten gaan zitten van de benauwdheid en dat ik kan rennen voor de trein en -em dan net haal,

Het is voor mij normaal om helemaal op te gaan in een tentamen en de tijd te vergeten, zonder dat ik moet checken of mijn zuurstoffles al opraakt,

Om naar mijn werk te kunnen fietsen zonder te worden gehinderd door een allesomvattende hoestbui. 
Om geen twee uur, maar twee minuten in te plannen om me aan te kleden, omdat aankleden simpelweg niet iets is wat ‘op adem kom’- tijd vraagt,
Om na een bezoek aan de dokter het ziekenhuisterrein weer te verlaten in plaats van een bedje te krijgen op de longafdeling.
Om als enige zorg te hebben, of er nog genoeg groente in de koelkast ligt…

En toch, in al dat normale, is het zo ontzettend bijzonder.
Het lijkt wel of ik het elke dag een beetje meer besef; hoe mooi het is en hoe blij ik mag zijn dat ik er ben.

Hoe niet-normaal het is om verhitte discussies te voeren met mijn projectgroepje op school.
Hoe niet-normaal het is om terplekke te kunnen beslissen of ik die dag naar het strand zal gaan of liever een rondje door de polder ren, in plaats van eindeloze voorbereidingen te treffen om al mijn medicijnen en infusen te kunnen meenemen.
Hoe niet-normaal het is om zelf mijn was op te hangen en vervolgens te beseffen dat ik dat rode shirtje beter niet bij de witte was had kunnen doen…

Ik herinner me als de dag van gisteren hoe ik me voelde voordat ik nieuwe longen kreeg: ziek en heel benauwd.
Dat was zwaar, maar het ergste vond ik eigenlijk nog, dat niemand meer echt iets van mij verwachtte.
Dat ik nergens werd verwácht, ik nergens op tijd hoefde te zijn.
Alsof ik eigenlijk stiekem, al een klein beetje niet meer bestond. 

Ik nam me voor dat ik na de transplantatie voor twee zou gaan leven. Voor drie zelfs, nadat ik voor de tweede keer nieuwe longen kreeg.

En nooit had ik kunnen dromen dat er zoveel van mijn dromen, vervuld zouden worden…

In de donorweek, precies 6 jaar geleden, kreeg ik van mijn Donorheld mijn eerste paar prachtlongen. Hoewel die longen niet fysiek meer bij me zijn, koester ik dat geschenk elke dag.
Elke dag als ik intens schaterlach of hartstochtelijk ergens om huil en ook wanneer ik dat sprintje trek voor de trein of baal dat -ie vertraging heeft,

Dan weet ik hoe belangrijk het is, wat zij voor mij deed:
Donor worden.
Leven doorgeven.

Dan weet ik dat ik besta,
En ergens word verwacht…

'Did you say it? 'I love you. I don't ever want to live without you. You changed my life.' Did you say it? Make a plan. Set a goal. Work toward it, but every now and then, look around; Drink it in 'cause this is it.'

(Uit: Grey’s Anatomy)