Ga naar de inhoud

registreer je direct donorregister.nl

Mijn gratis bestaan

Djuna MaesDjuna Maes, ontvanger van donorlongen

Op het kantoor waar ik werk zijn we extreem klantgericht. Dat wil zeggen: wat de klant vraagt, dat bieden wij. Daardoor komt het nogal eens voor dat we ook op zaterdag en zondag aan het werk zijn om geschiktheidstests bij kandidaten af te nemen.

Nu ben ik in de gelukkige positie dat ik sinds kort ook dat soort tests doe en zo wil het dat ik tegenwoordig ook af en toe in het weekend op kantoor zit.

Wij noemen dat ‘gratis geld’: op een dag dat er normaal niks wordt verdiend omdat we dicht zijn, komt er toch omzet binnen; als een extra verrassing, een kerstcadeautje bijna.

Daar tegenover staat ‘gratis tijd’: als je onverwacht ruimte in je agenda krijgt omdat een klant afbelt bijvoorbeeld, dan heb je ‘gratis tijd’: tijd die je eigenlijk niet had maar nu wel!

Toen ik lag te wachten op mijn eerste paar donorlongen, kwam de longarts elke dag wel even kijken hoe het met me ging. Op een bepaald moment ging het steeds slechter en begon hij over beademing: ‘Het kan op een bepaald moment nodig zijn, Djuna, om je te gaan beademen op de IC. Je wordt dan in slaap gebracht en beademd om de tijd naar transplantatie te overbruggen. Dat is niet zonder gevaar. Het is mogelijk dat we jouw CF-longen niet goed kunnen beademen en daarnaast neemt het risico op complicaties met elke dag dat je aan de beademing ligt, toe. Maar waar het om gaat is dat als de nood aan de man is, we dus zullen ingrijpen en jou zullen intuberen om te zorgen dat we nog tijd hebben om op een oproep te wachten…’

‘Om tijd te kopen’

Tijd kopen.
Ik vond het een goed idee. Of zoals ze in Brabant zeggen: een strak plan. Bovendien: ik had onder mijn hoofdkussen nog wel wat kracht liggen om mee te betalen. Dus dat zou wel goedkomen, dacht ik.
Een aantal weken later was de nood inderdaad aan de man en werd ik op de IC geïntubeerd en in een kunstmatige coma gebracht.

Het lijkt op de ‘gratis tijd’ zoals we die bij ons op kantoor nu hebben, maar dat was het beslist niet: ik kreeg het alles behalve gratis.

Uiteindelijk ben ik wakker gemaakt uit de kunstmatige coma en werkte ik, ongeacht de beademing en de talloze infuuspompen die overuren draaiden, heel hard.

Ik leerde zelf slijm wegzuigen uit de beademingsslang in mijn keel.
Ik ging van een minuutje ‘benen bungelen’ op bed naar 10 minuten ‘stoelzitten’ en uiteindelijk een stukje wandelen op de gang met alle machines achter mij aan.
Ik kocht tijd en de inzet was mijn leven.

Toch duurde het alsnog, bijna te lang. Ik hield het haast niet meer vol en schreef een brief aan mijn CF-dokter met de strekking:

Ik. Kan. Niet. Meer.

Mijn inzet bleek niet meer genoeg en er was niets meer uit te geven. Geen energie, geen middelen, geen medicijnen. Niets kon mij nog langer tijd laten kopen.

Behalve…
Het verlossende bericht:
‘Er zijn longen, Djuna. Ze zijn er, ze zijn er echt’

Sindsdien betaal ik parkeerboetes,
belasting, 
een rondje in de kroeg,

koop ik schoenen,
handtassen,
schoolspullen,
boontjes bij de groenteboer,
vakanties met vriendinnen,
concertkaartjes… 

Maar nooit meer tijd.

Nooit meer hoef ik zaken te doen met de dood.
En nooit meer is het wisselgeld mijn leven:

Sindsdien,
besta ik gratis.