Ga naar de inhoud

registreer je direct donorregister.nl

Risico's nierdonatie op korte en lange termijn

Zoals bij elke operatie, kan er bij het verwijderen van een nier iets misgaan. Lees hier over de risico’s van donatie op korte en lange termijn. En hoe het is om te leven met 1 nier.  

Risico’s op korte termijn 

1 op 10 donoren krijgt kort na de operatie last van complicaties die vanzelf overgaan of goed behandelbaar zijn, zoals:

  • ontsteking van de wond 
  • wondbreuk
  • longontsteking
  • blaasontsteking
  • kleine nabloeding
  • trombose (een bloedstolsel) in de beenaderen
  • verminderd gevoel van de huid rondom de wond 
  • bij mannen: pijn aan en/of zwelling van de zaadballen 

Heel kleine kans op grotere complicaties

Er is een heel kleine kans op een grotere complicatie, zoals: 

  • grote nabloeding
  • longembolie - een verstopping van een bloedvat naar de longen

Op de langere termijn kunnen donoren last hebben van langdurige buikklachten en chronische vermoeidheid.  

Heel soms treden er complicaties op die zo ernstig zijn dat de donor overlijdt. De kans daarop is gelukkig heel klein: 3 mensen op de 10.000. Maar het is wel belangrijk dat je je hier bewust van bent.

Leven met 1 nier: meeste mensen merken geen verschil

Met 1 gezonde nier kun je prima leven. De overgebleven nier neemt het werk van de weggehaalde nier voor een deel over. Je totale nierfunctie is daarmee zo’n 65 tot 75% van de uitgangssituatie, toen je nog 2 nieren had. Dat is ruim voldoende.

De meeste mensen die een nier hebben afgestaan, merken dan ook geen enkel verschil met toen ze nog 2 nieren hadden. Je kunt alles doen. Je kunt sporten en reizen en hoeft geen medicijnen te nemen of een dieet te volgen omdat je een nier hebt gedoneerd. 

Wel is het belangrijk dat je genoeg drinkt, gezond leeft en niet rookt. Maar dat geldt ook voor mensen die geen nier hebben afgestaan. Ook is het beter om geen pijnstillers met ontstekingsremmer te slikken. Die kunnen de overgebleven nier beschadigen. 

Arts maakt inschatting van je risico op nierziekte 

Als je een nier afstaat, is het belangrijk dat de overgebleven nier gezond blijft. Daarom maakt de nierspecialist in het uitgebreide onderzoek vóór de donatie een inschatting van jouw persoonlijk risico op nierfalen.

Alleen als je nieren goed werken en je verder gezond genoeg bent, mag je een nier afstaan. Toch kan de specialist nooit met zekerheid zeggen dat je in de toekomst geen nierziekte krijgt. 

Risico’s op lange termijn

Er is veel onderzoek gedaan naar de gezondheid op langere termijn van mensen die een nier gedoneerd hebben. Uit sommige van deze onderzoeken blijkt dat nierdonoren niet meer risico lopen op het ontstaan van een nierziekte dan een gemiddelde persoon. Deze vergelijking is misschien niet helemaal eerlijk, omdat iemand die een nier doneert vaak gezonder is dan een gemiddelde persoon. Daarom is het beter om nierdonoren te vergelijken met mensen die net zo gezond zijn. 

Onderzoeken die op deze manier zijn uitgevoerd, laten zien dat de kans op nierfalen - de kans dat de nieren minder goed gaan werken of niet meer werken -  na donatie misschien iets groter wordt. In een studie in de Verenigde Staten naar de kans op nierfalen binnen 15 jaar na donatie werd deze kans op 1 op 400 tot 1 op 200 geschat.

Het is hierbij niet zeker of dit extra risico door de donatie komt. Het kan ook zo zijn dat donoren die een nier afstaan aan een familielid met nierziekte zelf ook een iets grotere erfelijke aanleg hebben voor nierproblemen.

Jongeren iets hoger risico

Jongeren kunnen een iets hoger risico hebben op gezondheidsproblemen op de langere termijn dan ouderen. Dat heeft te maken met hun langere levensverwachting. Van jonge mensen weet je immers nog niet wie gezond ouder wordt en wie een ziekte ontwikkelt die schade aan de nieren kan veroorzaken. 

Zwanger worden?

Uit onderzoek blijkt dat vrouwen die een nier hebben afgestaan meer kans hebben op een hoge bloeddruk tijdens hun zwangerschap of een zwangerschapsvergiftiging. Dit onderzoek vergeleek zwangere nierdonoren met zwangere vrouwen die even gezond waren maar geen nier afstonden.

Wil jij nog zwanger worden? Dan is het belangrijk om dit bij de intake aan te geven, zodat de nierspecialist of coördinator nierdonatie bij leven de risico’s van een zwangerschap na donatie met je kan bespreken. De kans op een zwangerschap wordt niet kleiner als je een nier afstaat. 

Laat je elk jaar controleren

Nadat je een nier hebt afgestaan, is het belangrijk om je elk jaar te laten controleren. Een eventuele beginnende nierziekte of een ziekte die schade aan de nieren kan veroorzaken (zoals diabetes en hoge bloeddruk) kan dan vroeg ontdekt en behandeld worden. De jaarlijkse controle wordt bij voorkeur uitgevoerd in het transplantatieziekenhuis, maar het kan ook in een ziekenhuis dichterbij of bij de huisarts. De kosten ervoor vallen buiten je eigen risico.

‘Als er niks tegenover staat, mag het, zei de imam’

Oguz Erel en zijn zwager Sahin Memis hebben sinds 2001 samen een elektronicazaak in Den Haag. Sahin kreeg een nieraandoening. Toen die heel ernstig werd, doneerde Oguz een nier. Ze vertellen hoe ze dat hebben beleefd.

‘Als er niks tegenover staat, mag het, zei de imam’