Draaiboek COVID-19-pandemie orgaanketen

Uitname en Transport

Deze richtlijnen worden opgesteld in samenwerking met:

  • LORUT-voorzitter en secretaris
  • ZUT-Supervisoren
  • Supervisorenoverleg-voorzitter (ODC-inzet)
  • NTS-beleidsmedewerker ODC & Logistiek

Uitgangspunten LORUT

  • Veiligheid voor (de gezondheid van) de leden van de uitnameteams staat voorop.
  • ODC en ZUT-personeel worden beroepshalve niet meer blootgesteld aan SARS-CoV-2 dan strikt noodzakelijk.
  • Binnen de mogelijkheden die er nog zijn tijdens een epidemie gaat postmortale orgaandonatie door ten behoeve van patiënten op de wachtlijst. Het acceptatiebeleid van organen wordt bepaald door de orgaanadviescommissies LOL, LONT en LOTTO.
  • Het LORUT stelt criteria op aan de hand waarvan de risico’s voor de uitnameteams worden ingeschat.
  • Het kan zijn dat er uiteindelijk afschaling moet plaatsvinden door inzet van ZUT-personeel bij de acute primaire zorg. De drie ZUT-teams worden zo lang mogelijk ingezet. 
  • Indien nodig past het LORUT de protocollen aan.    

Verplaatsen van de donor naar de OK en de OK-fase

  • Bij een gecontroleerde COVID-19-infectie op een IC en een negatieve PCR-test van de donor,  is transport van een donor naar de OK met reguliere contactisolatie voldoende.
  • Indien de donor een negatieve PCR-test heeft, dan zijn de huidige beschermingsmaatregelen van het ZUT op de OK voldoende voor het team. 
  • Het ZUT mag besluiten aanvullende beschermingsmaatregelen in te zetten (wanneer de situatie daarom vraagt), zoals FFP-2 maskers en spatbrillen.

Orgaanuitname: overlegstructuur tijdens een pandemie

Indien gewenst vindt er telefonisch/MS-Teams overleg plaats tussen leden van de mini-LORUT. Deze bestaat uit een beperkte afvaardiging van vijf supervisoren van de uitnameteams en een aangewezen vertegenwoordiger van de ODC-supervisoren. De vijf supervisoren vertegenwoordigen hun ZUT en fungeren als liaison tussen het mini-LORUT en hun eigen achterban (ongeacht de discipline). 

De voorzitter van het LORUT besluit in onderling overleg of en zo ja in welke frequentie het mini-LORUT plaatsvindt. De voorzitter en secretaris van het LORUT participeren tevens in het NTV-NTS-NVIC voorzittersoverleg om de (programma-)overstijgende ontwikkelingen/problemen te overleggen en van daaruit zo nodig naar buiten (o.a. RIVM) te communiceren.

Richtlijnen die LORUT heeft opgeleverd:
Richtlijn LORUT: Uitname tijdens SARS-CoV-2/COVID-19.
Orgaanuitname: Afhandelen COVID-19 klachten en besmettingen.

Als er achteraf een besmetting wordt geconstateerd bij een van de teamleden na een uitnameprocedure, dan dienen een aantal stappen te worden gevolgd. Zie onder de button:

Orgaanuitname: samenwerking met (inter)nationale thoraxteams

Indien een buitenlands (thorax)team gelijktijdig met een ZUT opereert, dienen de nationale overheids-)richtlijnen voor buitenlands bezoek aan Nederland gevolgd te worden. Hierin staat dat zorgprofessionals, als zij naar Nederland reizen voor werk, niet in quarantaine hoeven (behalve bij klachten die passen bij SARS-CoV-2). Teamleden mogen geen klachten van een COVID-19 infectie vertonen of minder dan 10 dagen geleden een infectie hebben gehad. 

Naast de overheidsrichtlijn geldt voor deze zorgprofessionals dat zij weinig contact hebben in Nederland en de contacten op de OK plaatsvinden onder beschermde omstandigheden. Het is niet nodig om aan deze teams strengere maatregelen op te leggen/eisen te stellen. 

Transport – niveaus van besmetting en coderingen

Er zijn in Nederland en in de landen om ons heen verschillende niveaus van besmetting met daarbij behorende besmettingscodes en restricties. Vanuit het buitenland wordt verschillend naar de besmettingsgraad van Nederland gekeken.

Chauffeurs en teams uit een gebied zonder risico, kunnen wél naar een procedure afreizen in een gebied dat is aangemerkt als ‘oranje’ of ‘rood’. Deze regel is gebaseerd op het zeer zorgvuldige screenings- en selectiebeleid. Het risico voor het team is minimaal. De chauffeur wacht buiten het ziekenhuis met uitzondering van de coördinerende chauffeur.

Transport binnen Nederland over de weg (team en orgaan)

De vervoerders vallen deels onder de taxiwetgeving en volgen het voor hen geldende protocol van het RIVM:

  • Dragen mondkapje in de auto.
  • Desinfectie van de handen voor instappen in een voertuig. 
  • Reiniging van interieur van de auto na ieder rit.
  • Schermen tussen de chauffeur en de achterbank. 
  • In een personenvoertuig maximaal twee passagiers op de achterbank. 
  • In de ZUT-bus maximaal vier passagiers.
  • Chauffeur wordt bij klachten die lijken op COVID-19 niet ingezet. De RIVM richtlijnen worden hierin gevolgd.

Transport binnen Nederland door de lucht (team en orgaan)

Voor Chartervluchten gelden de volgende maatregelen:

  • Verplicht gebruik mondkapje en desinfectie handen.  
  • Voor de piloten en crew geldt: bij klachten die lijken op COVID-19 wordt men niet ingezet. De RIVM richtlijnen worden hierin gevolgd. 
  • Voor het thoracale team gelden dezelfde richtlijnen. Er hoeft geen gezondheidsverklaring te worden getekend. Men kan wel gevraagd worden naar COVID-19 klachten.

Reizen vanuit Nederland naar een ander ET land over de weg en door de lucht

  • In Nederland is het bij de acceptatie van een orgaanaanbod in het buitenland toegestaan om af te reizen en zonder quarantaine verplichtingen terug te keren.
  • Alle teams volgen het testbeleid voor zorgmedewerkers zoals geformuleerd door de FMS of het lokaal “protocol COVID-19“ van het ziekenhuis waar de medewerker in dienst is.
  • De situatie moet veilig zijn, om te voorkomen dat team, bemanning vliegtuig en chauffeur aan een onacceptabel risico worden blootgesteld;
  • Het beleid van het donorland bepaalt mede of een donororgaan kan worden opgehaald en onder welke voorwaarden.

Eurotransplantlanden

Transportrichtlijnen over de landsgrenzen, transport over de weg

  • Zijn lijnverbindingen niet mogelijk voor nieren en lever dan kan wegvervoer ingezet worden. 
  • In de bestaande protocollen wordt een reislimiet van 500 kilometer aangehouden. Indien nodig dan kunnen we hier van af wijken. De ontvangend arts stemt met de orgaandonatiecoördinator af of een langere reistijd acceptabel is. 
  • Volgens de EU-richtlijnen zijn er geen restricties voor de internationale uitwisseling van organen en het bijbehorende transport binnen Europa.

Reizen van buitenlandse teams naar Nederland (thoracaal)

De voor Nederland geldende veiligheidsregels worden gehanteerd tijdens het transport. De orgaandonatiecoördinator geeft aan hoeveel personen verwacht worden zodat de vervoerder het soort voertuig kan afstemmen op de behoefte en beschikbare capaciteit.
In alle gevallen geldt: 

  • Teamleden mogen geen klachten van een COVID-19 infectie vertonen of minder dan 10 dagen geleden een infectie hebben gehad.
  • Het samenwerken met buitenlandse teams wordt niet als risicovol gezien omdat de bezoekende teams maar kort in Nederland zijn. Daarnaast wordt er door beide partijen gewerkt met beschermende middelen. 
  • De voor Nederland geldende veiligheidsregels worden gehanteerd tijdens het transport: maximaal vier personen per team en het dragen van FFP2 maskers tijdens transport en in het ziekenhuis. 

(Inter-)nationaal transport binnen Eurotransplant: overlegstructuur tijdens een pandemie

  • Eurotransplant overlegt twee - vierwekelijks met alle ET landen, NTS- directeur de NTS-beleidsmedewerker transport. Organisator is ET. Onderwerpen zijn onder meer het nationaal transplantatiebeleid, reis- en transportrichtlijnen en logistieke problemen.
  • Elke twee maanden een regulier organisatorisch overleg met beleidsmedewerker NTS, de verantwoordelijken van Eurotransplant en het Orgaancentrum van de NTS.
  • Dagelijks overleg over acute problemen orgaancentrum en allocatie van ET. Indien gewenst wordt geëscaleerd naar de beleidsmedewerker of manager B&O.
  • Wekelijks of twee-wekelijks RTL-overleg over de logistieke problemen. 
  • Tweewekelijks vervoerdersoverleg met de NTS. Indien gewenst vindt er overleg plaats tussen vervoerders en NTS-beleidsmedewerker transport.