Caroline Ligtenberg is senior donatieprofessional Orgaancentrum

‘Weefsels doneren kan bijna iedereen’

26 juli 2019

Hoe wordt er gecheckt of iemand donor kan zijn? En hoe wordt het doneren van weefsels geregeld? Caroline Ligtenberg is hier dagelijks mee bezig bij het Orgaancentrum. Dat is een grote kamer waar de telefoon vaak roodgloeiend staat, maar waar het soms ook heel lang stil is.

‘Het is hollen of stilstaan,’ zegt Caroline. ‘Soms zit ik urenlang te bellen, maar andere momenten vraag ik me af: doet de telefoon het nog wel?’ Die telefoon is het belangrijkste middel in haar werk, vertelt Caroline. ‘Als er iemand overlijdt die mogelijk donor kan zijn, belt de arts om mij te vragen of die patiënt in het Donorregister staat. Daarna bel ik de arts terug om te zeggen of iemand geregistreerd is en zo ja, welke keuze er is vastgelegd.’

‘Aan de nabestaanden wordt altijd toestemming of instemming gevraagd’

Caroline adviseert ook de arts over voor welke weefsels er toestemming moet worden gevraagd aan de nabestaanden. ‘Maar ook als er bij alle opties in het Donorregister ja staat, wordt altijd nog instemming gevraagd aan de nabestaanden. Nu de nieuwe donorwet er komt, bestaat daar wat onrust over, maar die wet verandert daar niks aan.’

Is de bloedsomloop van de mogelijke donor nog intact en is orgaandonatie aan de orde, dan draagt Caroline de patiënt over aan de transplantatiecoördinator, die alles voor de uitname van de organen organiseert. ‘Alleen het transport van donornieren regelen wij hier bij het Orgaancentrum, omdat er voor nieren meer tijd is dan voor de andere organen. Uitgenomen nieren worden namelijk altijd gespoeld met een vloeistof met medicijnen en zuurstof. Dat heet perfusie. Daardoor worden ze beter van kwaliteit.’

‘Alles moet snel gebeuren, maar ook heel secuur’

Is er toestemming voor donatie van weefsels, zoals huid, bot, oogweefsel en hartkleppen, dan belt de arts Caroline terug. ‘Ik loop dan met de arts een vragenlijst door om te achterhalen of de weefsels geschikt zijn voor donatie. Ik vraag naar de ziektegeschiedenis van de patiënt, de doodsoorzaak, medicijngebruik, en ook reizen die gemaakt zijn. Dit vanwege de kans op infecties.’

Caroline merkt dat artsen die lijst met vragen soms tijdrovend vinden. ‘Daarom moet het snel gebeuren, maar het is belangrijk dat het heel secuur gebeurt. Bepaalde dingen kunnen misschien een probleem zijn voor een transplantatie. Dan vraag ik door. Zo heb ik bij sommige ziektebeelden bijvoorbeeld gegevens van het lab nodig. Het beeld moet helemaal compleet en juist zijn.’

‘Drukte vind ik het fijnst’

Met één zo’n telefoongesprek is het nog stilletjes. Maar soms behandelt Caroline wel 3 aannames achter elkaar en er kunnen ook nog procedures lopen waar collega’s mee bezig zijn geweest of waar ze zelf eerder aan werkte. ‘Veel hectiek vind ik het fijnst,’ zegt ze. ‘Dan kom ik thuis met het gevoel dat ik een nuttige dienst heb gedraaid. Bedrijvigheid vind ik prettig. Voorheen werkte ik als verpleegkundige op een drukke afdeling. Ik houd erg van acute dingen en verrassingen. Hier weet ik ook nooit wat er gaat gebeuren.’

‘Ik heb veel contact met allerlei organisaties’

Caroline onderhoudt contact met verschillende organisaties. ‘We hebben altijd bloed van de donor nodig om het te onderzoeken op virussen. Die wil je niet mee transplanteren, alles moet veilig zijn. Onze regel is: geen bloed, geen donor. Ook als het bloed van de donor al is onderzocht voor orgaandonatie, doet Sanquin dat voor ons opnieuw.

'Als er weefsels geaccepteerd zijn voor donatie, bel ik het team van de Weefsel Uitname Organisatie Nederland, kortweg WUON, dat de weefsels uitneemt. En is dat allemaal geregeld, dan begin ik aan de administratie.’

‘Er zijn veel meer weefseldonoren dan orgaandonoren’ 

Voor weefseldonatie is minder aandacht dan voor orgaandonatie, merkt Caroline. ‘Dat is jammer. Het komt misschien doordat organen levensreddend zijn. Dat vinden mensen emotioneel belangrijker. Maar er zijn veel meer weefseldonoren. En weefsels doneren kan bijna iedereen. Ook als je geen orgaandonor bent, kun je weefsels doneren. Je hoeft ook niet in het ziekenhuis te liggen, mensen die thuis overlijden kunnen evengoed weefsels afstaan.' 

'In het ziekenhuis zijn artsen verplicht om het Donorregister te raadplegen voor donatie als er iemand overlijdt. De NTS stimuleert ook ggd-artsen en huisartsen om weefseldonoren te melden.’

‘Werken met enthousiaste jonge mensen stimuleert mij’

Naast de vaste collega’s van het Orgaancentrum zijn er ook flexibele medewerkers, vertelt Caroline. ‘Dat zijn studenten geneeskunde of biomedische wetenschappen. Ze krijgen intensieve begeleiding, want het is geen gemakkelijk werk.'

'De vaste medewerkers hebben allemaal een neventaak. En mijn taak is het coördineren en leiden van dit studententeam. Dat is leuk om te doen, omdat werken met enthousiaste jonge mensen mij stimuleert en extra uitdaging geeft.’

Caroline Ligtenberg zit aan de telefoon achter de PC
Caroline Ligtenberg: donatieprofessional Orgaancentrum