6. Donor aanmelden

6.5. Welke vragen kunt u verwachten in het aannamegesprek?

Tijdens het aannamegesprek zal de medewerker van het Orgaancentrum een groot aantal vragen stellen. Het is verstandig om hierop voorbereid te zijn door de gevraagde informatie alvast op te zoeken en waar nodig te bespreken met de nabestaanden. In de volgende paragrafen staat een opsomming van de vragen die u kunt verwachten. De vragen die besproken moeten worden met de nabestaanden, staan in paragraaf 6.5.4.

6.5.1. Veelvoorkomende algemene contra-indicaties

LET OP: Als het antwoord op 1 van deze 4 vragen ‘JA’ is, vindt er geen weefseldonatie plaats.

Tabel 6.1 Vragen over veelvoorkomende algemene contra-indicaties

Vragen Aanvullende vragen of toelichting
Is de patiënt aan beide ogen geopereerd aan een cataract en is hij tussen de 81 en 86 jaar oud?
Was er sprake van een degeneratieve neurologische aandoening van onbekende oorsprong? Denk aan: Parkinson, MS, ALS of Alzheimer.
Was er sprake van een (premaligne) hematologische aandoening? Denk aan: leukemie, maligne lymfoom, morbus Kahler, MGUS, myelodysplastisch syndroom, polycythemia vera.
Was er sprake van een gemetastaseerde melanoom?

6.5.2. Toestemming en persoonsgegevens donor

Tabel 6.2: Vragen over toestemming en persoonsgegevens donor

Vragen over toestemming en persoonsgegevens Aanvullende vragen of toelichting
Wat zijn de gegevens van de donor? Denk aan: naam, voorletters, geboortedatum, geslacht, adres en BSN.
Wat zijn de gegevens van uw instelling of ziekenhuis? Denk aan: naam en adres, inclusief het adres waar het lichaam van de overledene zich bevindt.
Heeft u de donor ook aangemeld voor orgaandonatie?
Hoe is de toestemming voor donatie verkregen?
Is er aanvullende toestemming verkregen voor donatie van oogweefsel? Dit is nodig als de donor toestemming voor weefseldonatie heeft gegeven in een wilsbeschikking van vóór 1 juni 2016.

6.5.3 Medische informatie

Deze informatie kan uit het medisch dossier van de donor gehaald worden.

Tabel 6.3. Vragen over medische zaken

Algemene medische vragen Aanvullende vragen of toelichting
Wat was de datum en het tijdstip van de opname?
Wat was het tijdstip van overlijden?
Wat was de reden voor opname?
Wat is de (vermoedelijke) doodsoorzaak?
Hoe was het beloop van opname tot overlijden?
Wat is de lengte en het gewicht van de donor? Beschrijf het postuur van de donor.
Wat is de ziektegeschiedenis van de donor (inclusief operaties)?
Heeft de donor antibiotica gebruikt? Zo ja, op welke indicatie? En met welk effect?
Is er sprake van sepsis? Zo ja, is de verwekker bekend? Zijn er kweken afgenomen?
Is er sprake van auto-immuunziekten? Bijvoorbeeld reumatoïde artritis of SLE.
Is er sprake van maligniteiten? In heden of verleden.
Heeft de donor in de laatste 3 maanden medicatie gebruikt, die tot beenmergdepressie kan leiden? Bijvoorbeeld cytostatica of immunosuppressiva.
Zo ja, is er beenmergdepressie opgetreden? Wat waren in dat geval de labwaarden voor leuco’s?
Heeft de donor corticosteroïden gebruikt? Zo ja, chronisch of stootkuren?
Heeft de donor andere medicatie gebruikt? Thuismedicatie.
Zijn er infusies en/of transfusies toegediend? Ging het daarbij om bloedproducten en/ of colloïden in de laatste 48 uur voor overlijden?

6.5.4. Vragen aan nabestaanden

Neem onderstaande vragen door met de nabestaanden, voordat u aan het gesprek begint.

Tabel 6.4 Vragen aan nabestaanden

Vragen over de voorgeschiedenis van de donor Aanvullende vragen of toelichting
Zijn er risicofactoren of aanwijzingen voor bloedinfecties en/of seksueel overdraagbare infecties? Bijvoorbeeld hiv, hepatitis B of C, HTLV.
Is intoxicatie mogelijk? Bijvoorbeeld door alcohol of drugs.
Heeft de donor het afgelopen jaar buiten Nederland gereisd? Om het infectierisico hiervan te kunnen inschatten: heeft de donor de afgelopen 4 weken gereisd? Zo ja, waarheen en wanneer precies?
Is de donor langer dan 6 maanden in het Verenigd Koninkrijk geweest tussen 1980 en 1996? In dat geval is er een risico op prionziekten.
Vragen over wensen over de nazorg Aanvullende vragen of toelichting
Willen de nabestaanden brieven ontvangen, met informatie over het weefsel dat is uitgenomen en de uitslagen van het onderzoek van de weefselbank? De eerste brief ontvangen zij enkele dagen na de uitname en de tweede brief 6 tot 8 weken na de donatie.

6.5.5. Weefselspecifieke vragen

Welke vragen u in deze categorie kunt verwachten, hangt af van de weefsels die (mogelijk) gedoneerd worden.

Tabel 6.5a Weefselspecifieke vragen oogweefsel

Weefselspecifieke vragen Aanvullende vragen of toelichting
Heeft de donor oogziekten gehad? Bijvoorbeeld infecties en vormafwijkingen van de cornea, zoals keratitis en keratoconus.
Heeft de donor oogoperaties ondergaan? Bijvoorbeeld een cataractoperatie of refractieve corneachirurgie, waaronder laserbehandelingen.

Tabel 6.5b Weefselspecifieke vragen huid

Weefselspecifieke vragen Aanvullende vragen of toelichting
Zijn er aandoeningen of beschadigingen van de huid? Bijvoorbeeld infecties, psoriasis, eczeem, littekens of tatoeages.
Zijn er bijzonderheden te melden over de huid?

Bijvoorbeeld basaalcelcarcinoom, overmatige moedervlekken en/

of ouderdomswratten, overvulling, decubitus of prednisonhuid.

Tabel 6.5c Weefselspecifieke vragen hartkleppen

Weefselspecifieke vragen Aanvullende vragen of toelichting
Heeft de donor openhartchirurgie ondergaan? Bijvoorbeeld een CABG of klepoperatie.
Is er sprake van een infectie van het hart of van cardiomyopathie? Bijvoorbeeld myocarditis of endocarditis. Als er sprake is van cardiomyopathie, wat was daarvan de oorzaak?
Zijn er klepafwijkingen? Congenitaal of verworven.

Tabel 6.5d Weefselspecifieke vragen bloedvaten

Weefselspecifieke vragen Aanvullende vragen of toelichting
Heeft de donor operaties aan de vaten ondergaan? Is er sprake van aneurysmata van de vaten?
Is er sprake van aneurysmata van de vaten?

Tabel 6.5e Weefselspecifieke vragen kraakbeen, bot- en peesweefsel

Weefselspecifieke vragen Aanvullende vragen of toelichting
Is er sprake van actieve infecties? Ook lokaal of verdenking ervan.
Is de donor beademd? Zo ja, wanneer is de beademing gestart?
Zijn er lijnen en/of botnaalden toegepast? Zo ja, wat zijn de locaties van de centrale-, intraveneuze- of botnaalden?
Zijn er infecties ontstaan door lijnen, botnaalden en/of beademing?
Is er sprake van traumata? Fracturen en/of wonden.
Is er sprake van bot- of bindweefselziekten? Bijvoorbeeld morbus Marfan.

6.5.6. Praktische informatie

Tabel 6.6 Praktische informatie

Vragen Aanvullende vragen of toelichting
Is het donatieformulier volledig ingevuld en ondertekend?
Wie was de huisarts?
Was het een natuurlijke dood? Zo niet, heeft de officier van justitie toestemming gegeven voor donatie? Wat is de naam van de officier van justitie?
Op welk tijdstip is/wordt het lichaam in de koeling geplaatst? Dit moet bij voorkeur gebeuren binnen 6 uur na het overlijden. Als het later gebeurt, is overleg met het Orgaancentrum nodig.
Is er een obductie gepland? De donatie moet bij voorkeur voorafgaan aan de obductie; het Orgaancentrum regelt de afstemming met de uitnameteams.
Willen de nabestaanden op kortere termijn dan gebruikelijk weer over de overledene beschikken? De gebruikelijke periode is 8 tot max. 28 uur. De gebruikelijke termijn is 8 tot maximaal 28 uur. Kunnen de nabestaanden zich daarin vinden of willen ze een kortere termijn?
Is er nog meer relevante informatie?