Moniek Latten wacht voor de derde keer op een donornier

‘Ik ben dankbaar voor wat ik nog wel kan’

13 oktober 2020

Met Moniek Latten (34) lijkt op het eerste gezicht niet zoveel aan de hand. Een leuke jonge vrouw die samenwoont met haar vriend en graag met haar hondjes wandelt. Toch is haar leven verre van zorgeloos door ernstige nier- en blaasproblemen. Voor de derde keer wacht ze op een donornier.

Elke maandag, woensdag en vrijdag zuivert een machinale nier vier uur lang haar bloed. Sinds haar nierfuncties er in 2014 mee ophielden, ligt Moniek drie keer in de week in een Venloos ziekenhuis voor een dialyse. Hoewel haar uiterlijk er niet onder lijdt, vraagt een leven zonder nieren veel offers.

Niet zomaar uit eten

‘Spontaan een drankje doen op een terras zit er voor mij niet in. Ik heb een vochtbeperking van een liter per dag en daar zit ik zo aan. Ook een etentje buiten de deur gaat bijna niet door mijn strenge dieet, waarbij ik rekening moet houden met vocht, zout, kalium en fosfaat. Maar ik klaag daar niet graag over. Wat schiet ik daar mee op? Bovendien ben ik dankbaar voor wat ik nog wel kan. Ik heb hele lieve mensen om me heen. En een fantastische vriend, met wie ik sinds mijn zestiende een relatie heb. We nemen het leven zoals het is en proberen er zoveel mogelijk van te genieten. Met de hondjes naar het bos, een stranddagje of naar ons geliefde eiland Curaçao.’

Gezond opgroeien

Moniek werd geboren met blaas- en nierproblemen. Op tweejarige leeftijd werd haar rechternier verwijderd zodat ze net als ieder ander gezond kind kon opgroeien. Vaak zei haar moeder dat ze zo blij was dat haar dochter zo goed met een nier kon leven. Tot Moniek als zestienjarige steeds meer last kreeg van blaasontstekingen. ‘Ook klaagde ik vaak dat ik zo moe was’, blikt Moniek terug. ‘Mijn moeder liet me onderzoeken en toen bleek mijn overgebleven nier nog maar voor zeventien procent te functioneren. Ik moest zo snel mogelijk een nieuwe nier, of dialyseren.’

Moniek prikt zichzelf aan voor dialyse
Moniek prikt zichzelf aan voor dialyse

Complicaties na transplantaties

In 2004 kreeg Moniek een nier van haar moeder. Deze nier had een match van 96 procent, uitzonderlijk goed. Toch ontstonden er complicaties en bleven nier- en blaasproblemen elkaar opvolgen. Zes jaar later werd de nier afgestoten. ‘Toen was mijn tante bereid haar nier aan mij te geven’, vertelt Moniek. ‘Zo bijzonder dat deze vrouwen dat hebben gedaan. Terwijl zij niks mankeerden hebben ze zich laten opereren om mij te helpen. Dat geeft een gevoel wat ik niet kan omschrijven.’

Dialyse leek me niks

Helaas volgden op de tweede niertransplantatie opnieuw complicaties, weer vooral met haar blaas. In 2014 stopte ook de nier van haar tante ermee, drie jaar na de operatie. Een andere optie dan dialyse had Moniek niet. ‘Nog eens iemand om een nier vragen zag ik moreel gezien niet zitten. Maar dialyse leek me ook niks. Wat voor leven zou ik afhankelijk van een machine nog hebben? Moest ik dat wel willen?’

Mega overwinning

Na wikken en wegen overwon Moniek haar angst en besloot ze toch te dialyseren. Vervolgens zette ze nog een moedige stap: het laten plaatsen van een shunt, een vaste vaattoegang voor dialyse in de arm. ‘Ik was bang voor de dikke naalden en lelijke bulten. Toch ging ik ervoor. En het aller trotst ben ik dat ik mijzelf aanprik met de buttonhole techniek waardoor de kans op bulten op mijn arm veel kleiner is. Dat was zo’n mega overwinning.’

Hoop op beter

Sinds eind 2019 staat Moniek op de wachtlijst voor een postmortale donornier. ‘Ik houd me vast aan de hoop op beter. En mijn gevoel bij de postmortale nier is goed. Drie keer is toch scheepsrecht! Waar ik het meest naar uitkijk? De vrijheid om spontane dingen te doen. Wat lijkt het me heerlijk om zonder veel te hoeven regelen met mijn vriend een paar dagen zomaar weg te gaan!’

Bron: Marco de Swart/Nierstichting