Ga naar de inhoud

Stukjes HLA bepalen de afweerreacties van ons lichaam

Sebastiaan Heidt, 'In de toekomst zullen we niet meer matchen op HLA maar op epitopen'

Over 10 jaar worden nieren op een andere manier aan patiënten toegewezen dan nu, verwacht Sebastiaan Heidt van het Leids Universitair Medisch Centrum. Nu worden de zogenoemde HLA-moleculen van donor en ontvanger zoveel mogelijk op elkaar afgestemd om afstoting te voorkomen. Het afweersysteem blijkt echter alleen naar bepaalde stukjes van HLA-moleculen te kijken.

Er bestaat nog geen therapie tegen afstoting van een donororgaan op de langere termijn, oftewel chronische afstoting. Daarom is het van belang om te zorgen dat chronische afstoting zo min mogelijk optreedt. Heidt doet onderzoek naar het bijzondere molecuul dat bepaalt of er al dan niet een afweerreactie op gang komt: het humaan leukocytenantigeen, afgekort HLA.

Donor en ontvanger zoveel mogelijk op elkaar afstemmen

HLA komt in veel varianten voor, en 2 willekeurige mensen hebben vrijwel zeker een andere HLA-opmaak. Bij niertransplantaties vormt die grote variatie een probleem. Het afweersysteem kan een donororgaan met deels ander HLA als lichaamsvreemd herkennen en vervolgens antistoffen aanmaken. Die kunnen leiden tot chronische afstoting en bovendien kunnen ze een volgende transplantatie in de weg zitten. Daarom worden donor en ontvanger zoveel mogelijk gematcht.

‘Kennelijk zit er op A2 iets dat ook op B17 zit’

Aanvankelijk was de gedachte: er is een match als donor en ontvanger dezelfde HLA-opmaak hebben, anders niet. Maar begin jaren tachtig bleek het net even anders te zitten. Toen werd er onderzoek gedaan naar vrouwen die tijdens hun zwangerschap antistoffen aanmaakten tegen hun ongeboren kind. In één geval richtten die antistoffen zich heel specifiek op het HLA-type met het ‘serienummer’ A2. In het lab bleek diezelfde antistof echter ook te reageren op een heel ander HLA-type: B17. ‘Dat was raar’, zegt Heidt. ‘HLA-A2 en HLA-B17 zijn duidelijk verschillende moleculen. Maar kennelijk zit er op A2 iets dat ook op B17 zit.’

Epitopen kunnen voorkomen op meerdere typen HLA-moleculen

Inmiddels is bekend dat het afweersysteem niet naar het gehele HLA-molecuul  kijkt, maar naar stukjes ervan: de zogenoemde epitopen. Elk HLA-molecuul heeft een unieke combinatie van epitopen, maar afzonderlijke epitopen kunnen voorkomen op meerdere typen HLA-moleculen. Dat is bijvoorbeeld het geval bij A2 en B17; die hebben een epitoop gemeen, waardoor de antistoffen van de onderzochte vrouw op beide reageerden. 

In de toekomst niet meer matchen op HLA, maar op epitopen

Chronische afstoting ontstaat als het afweersysteem lichaamsvreemde epitopen vindt, en niet zozeer lichaamsvreemd HLA. Heidt verwacht daarom dat we in de toekomst niet meer zullen matchen op HLA, maar op epitopen. Het huidige onderzoek richt zich daarbij vooral op de vraag welke epitopen echt tot antistofvorming leiden als er een mismatch is. ‘Dat kun je doen door naar heel grote aantallen transplantaties te kijken waarbij antistoffen ontstonden’, zegt Heidt. Hij probeert nu zoveel mogelijk van dat soort data in handen te krijgen.

Overstap naar epitoopmatchen

‘Als we weten op welke epitopen we écht moeten letten, dan kunnen we in de praktijk gaan epitoopmatchen’, zegt Heidt. Een simpele vorm van epitoopmatchen wordt al bij een deel van de patiënten toegepast, maar volledig overstappen van HLA- naar epitoopmatchen zal heel wat voeten in aarde hebben. Over een jaar of 10 kan de klus geklaard zijn, denkt Heidt. En dat zou de kans een stuk kleiner moeten maken dat die langverwachte donornier wordt afgewezen.